Category Archives: Verdwenen clubs

Voor zolang het nog duurt

Men neme een vroege, bewolkte zaterdagochtend in november. Zo’n ochtend waarop de dauw tergend langzaam optrekt en het gras laat zilverglinsteren… Tot zover de schoonschrijverij. Iedere dag, ieder moment is namelijk geschikt om jezelf te trakteren op de weelde van een bijzonder stuk voetbalcultureel erfgoed: de Wageningse Berg. Vandaag is het exact 20 jaar geleden dat de plaatselijke FC er zijn laatste wedstrijd speelde en een monument werd geboren.

Hoewel er niets meer is dat aan deze jaren herinnert, dateert de eerste stadionbebouwing van De Berg van 1899. Een plaatselijke hoteleigenaar laat een complex bouwen voor de paardensport. In 1911 trekt WVV Wageningen zoals de plaatselijke FC dan heet, voor het eerst in het stadion. Als de huurovereenkomst afloopt, verkassen de voetballers naar een terrein elders in de stad. De club keert pas 14 jaar later terug om er tot het bittere eind te blijven. In 1992 gaat de FC failliet. Het stadion krijgt geen nieuwe bespeler en kan omdat het in een beschermd natuurgebied ligt, niet zomaar worden gesloopt. De Berg, overgeleverd aan de tand des tijds en lokaalmarginale vandalen, kan zo uitgroeien tot een bedevaartsoord. Het Nederlandse voetbal is daarmee een club armer en een monument rijker.

De met gras overwoekerde trappen, staantribunes die onder een lappendeken van mos liggen, vervallen reclameborden waarin waar uit eveneens vervlogen tijden wordt aangeprezen.. Hier huist nostalgie. Voor zolang het nog duurt.

De plannen liggen er al enige tijd en het lijkt er nu ook echt op dat de Berg zoals we die nu kennen, verdwijnt. Helaas heeft voetbalcultuur nauwelijks monumentale status. Hopelijk is er in het te bouwen Future Center in ieder geval nog wel plaats voor het verleden.

> Meer beelden van de Berg


Terug naar De Berg

Wat de toekomst de Wageningse Berg brengt, is (gelukkig) nog onduidelijk. Ik hoop alleen wel dat de recente sloopwerkzaamheden geen veeg voorteken zijn. De afgelopen week ging het dak eraf in het stadion en helaas niet in spreekwoordelijke zin. Het deed mij meteen weer terugverlangen aan de zaterdagochtend –nu ongeveer een jaar geleden- dat ik er mocht rondlopen. Alsof je tegen de tijd in liep.

 Waterkoud en nevelig was het die ochtend waardoor het stadion in het echt nog spookachtiger aandeed dan ik me op basis van de vele verhalen en beelden op het net, had voorgesteld. Het moment dat je daar rondloopt in dat verlaten vervallen stadion zorgt voor die aangename gelukstinteling die langs je ruggengraat naar de achterkant van je hoofd loopt (en terug). Een koude rilling die je het liefst zou bevriezen.

 Ik was dan ook ontzettend blij dat Menno Pot deze morgen juist De Berg tot onderwerp van zijn Balgevoel maakte. Daarmee krijgt deze stadionruïne de aandacht die het verdient. Een voetbalmonument zoals je die op veel meer plekken zou willen terugvinden. Helaas ligt in Nederland niets lang braak. Wat dat betreft is de ligging van De Berg (een beschermd natuurgebied) een zegen gebleken.

Het is inmiddels 19 jaar geleden dat FC Wageningen failliet ging en de deur van het stadion achter zich dichttrok. De geschiedenis leert dat de club twee keer terugkeerde naar De Berg. Een derde keer lijkt uitgesloten alhoewel: als het stadion dan écht moet worden verbouwd dan hoop ik dat de FC definitief terugkeert. Het zou de enige manier zijn. Een berg komt nu eenmaal niet naar je toe.

 > Meer Bergbeeld


In Haarlem ontbrak een Plan B

Op 25 januari 2010 viel het doek voor HFC Haarlem. De 120-jarige werd die dag failliet verklaard en verdween uit het betaald voetbal. Continue reading


Hoe de eredivisie naar Delft kwam, en verdween

Op 13 augustus 1968 zagen 18.000 mensen Feyenoord hier met 0-3 winnen. Vandaag verdedigen de veteranen van de inmiddels 100 jaar oude Delfia Hollandia Combinatie (DHC) de clubeer voor exact 23 toeschouwers. Welkom op het Gemeentelijk Sportpark Brasserskade in Delft-Noord.

Het grootste amateurstadion van Nederland (van 1958) ligt er ondanks het beperkte animo fantastisch bij. Een waterige winterzon laat het mos op de betonnen staantribunes glanzen terwijl de staalconstructie van de tribune me verblindt. Dit type bouwwerk vernoemd naar de Leidse fabrikant Elascon, is in 2009 tot gemeentelijk monument verklaard. De bijzondere constructie die nauwelijks nog voorkomt, maakte steunpilaren overbodig en onbeperkt zicht mogelijk. Door de status is het voortbestaan van het indrukwekkende bouwwerk met z’n houten banken verzekerd.

Aan het stadion is verder niet veel veranderd, er is kunstgras gekomen, op een deel van de terracing tegenover de Elascon-tribune zijn zitjes geplaatst en het scorebord is niet des 1958′s. Het origineel is in de jaren ’60 vernield als er onrust uitbreekt onder de supporters. De prestaties van DHC dat afwisselend in de eerste dan wel tweede divisie uitkomt, zijn op dat moment bedroevend. En als naast de sportieve malaise zich ook financiële malheur aandient, pakken donkere wolken zich samen.

In 1966 worden de amateur- en proftak gesplitst (de profs krijgen de toevoeging ’66) waarmee de club het vege lijf redt. Op sportief gebied slagen de profs daar echter niet in: na twee jaar degradeert DHC’66 uit de eerste divisie. Maar in plaats van de tweede divisie speelt DHC het seizoen eredivisie. En dat heeft het aan het stadion te danken.

De Rotterdamse eredivisieclub Xerxes is naarstig op zoek naar een onderkomen en ziet vanwege het relatief nieuwe stadion in DHC een geschikte partner. Ook de groen-zwarten zien een fusie zitten en zo opent Xerxes/DHC het seizoen ’67-’68 tegen Feyenoord in een volgepakt stadion.

Ondanks dat de fusieclub zevende wordt, is het na een jaar al gedaan met de fusieclub. Financieel loopt het niet goed en de eigenaar van Xerxes ziet zich gedwongen sterren als Willem van Hanegem te verkopen en trekt zich uiteindelijk terug. En daarmee gaat de fusieclub failliet en gaan beide club in 1968 afzonderlijk terug naar de amateurs. Zo snel als de eredivisie naar Delft kwam, zo snel was het weer verdwenen.

Het stadion bleef -mede door de gang naar het amateurvoetbal- grotendeels onaangetast, zodat je net als bij SVV niet veel moeite hoeft te doen om je weer decennia terug in de tijd te wanen. Het fluitje van de scheidsrechter die de tweede helft beëindigt en de derde start, brengt me echter in een fractie van een seconde van 1968 terug naar 2011.

Voor nostalgie hoef je niet persé naar Delft. Het online archief van DHC groeit nog altijd getuige De Oude Doos.

http://farm6.static.flickr.com/5249/5340180799_407e750480_z.jpg

Een schim uit een ver verleden

Je zal het als amateur niet snel meemaken. Je thuiswedstrijden afwerken in een stadion waar ooit nog Europees voetbal werd gespeeld. Toch is het voor de liefhebbers van Haarlem-Kennemerland tweewekelijkse realiteit. De vraag is voor hoe lang, want aan de Jan Gijzenkade valt de historie langzaam ten prooi aan de sloophamer.

Hoewel de bal er reedsch in 1903 rolde, is het huidige Haarlemcomplex naoorlogs. In 1948 wordt het volledige vernieuwde stadion -het oude is in de oorlog gesneuveld- in gebruik genomen. De betonnen statribunes achter de doelen (oost en west) en de noordtribune stammen uit die tijd. De zuidtribune -later met gevoel voor historie gedoopt tot Kick Smittribune- wordt in 1985 geopend. Het is de laatste opleving van de roodbroeken.

Haarlem, eenmalig landskampioen (1946), speelt begin jaren ’80 nog Europees.  In de eerste ronde schakelt het AA Gent uit en stuit het vervolgens op Spartak . In Moskou gaat de Europese droom als een nachtkaars uit al wordt de wedstrijd in de geschiedenis gegrift. In de slotfase voltrekt zich in het Loezjniki-stadion een ramp: een nog onbekend aantal mensen sterft in het gedrang op de trappen buiten het stadion. Tot op de dag van vandaag wordt verzwegen wat de exacte oorzaak was en hoeveel doden er écht gevallen zijn. (saillant detail:  hetzelfde stadion is bij het WK 2018 decor voor de openingswedstrijd, de halve finale en de eindstrijd)

Het seizoen erop wordt Haarlem nog 4e maar dan gaat het bergafwaarts. De club degradeert in 1990, een nieuw stadion blijft uit en het eens zo trotse Haarlem gaat in 2010 als eerstedivisionist failliet. De oost- en westtribune zijn dan al uit veiligheidsoverwegingen gesloten. Inmiddels is de westtribune afgebroken en dreigt een zelfde lot voor andere delen van het stadion.

Zaterdagmiddag staan de amateurs van Haarlem-Kennemerland 1 en Overbos 1 tegenover elkaar in dit theater van de teloorgang; 28 jaar geleden werd er hier Europees gespeeld. Of de spelers van vandaag dit weten valt te betwijfelen; ‘Europa’ lijkt slechts een schim uit een ver verleden.

> ga voor meer Haarlem naar stadiongebod op flickr


Terug naar de jaren ’70 in Schiedam


Een stadion dat aangevreten wordt door de tand des tijds vind je in Schiedam. Waar nu de amateurs van SVV/SMC acteren, speelden ooit de profs van SVV. De Schiedammers beleefden maar twee decennia betaald voetbal op Harga. Na de bouw in 1970 ging het echter geleidelijk bergafwaarts met de voormalig landskampioen (1949).

Eind jaren ’80 leefde de club even op door promotie naar de eredivisie, maar dat bleek het begin van het einde. Harga voldeed niet aan de veiligheidseisen en SVV speelde z’n thuiswedstrijden voortaan in De Kuip. Toen de gemeente nieuwbouwplannen blokkeerde, fuseerde de club met het zieltogende Dordrecht ’90.

Na een jaar als fusieclub ging Dordrecht alleen verder en verdween SVV uit het betaalde voetbal. Daarmee verdwenen de plannen voor een nieuw onderkomen en bleef het stadion onaangeroerd zodat de tijd nu de grootste bedreiging vormt voor  het bouwwerk. De betonnen platen op de begroeide staantribunes liggen los en brokkelen langzaam af. Alles in het stadion ademt vroeger en met mijn ogen dicht wandelend door Harga ben ik weer in de jaren ’70. Lovin’it.

> Ga voor meer Harga naar Stadiongebod op flickr


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 653 other followers